Sulawesi deel 1 maar dan nu voor echt
11 januari 2012 - Manado, Indonesië
Selamat tingal!
Op algemeen verzoek; maar ook omdat ik een grote stad met alle mod-cons beland ben dan nu het echte verslag van de eerste anderhalve week :-)
De vlucht: daar kan ik kort over zijn (de vlucht zelf daarentegen was veel te lang)! Er wordt geen, ik herhaal, geen champagne geschonken in economy als je oudejaarsavond aan boord viert :-) Wat dan wel? Er worden van die glimmende feesthoedjes uitgedeeld en van die uitklappende toetertjes met de mededeling dat het 2 uur later zover is. Vervolgens krijg je een uur lang zware turbulentie waardoor de crew pas met een hoop vertraging het diner kan uitserveren en als je uiteindelijk dan met een lauwwarme hap op schoot met je slasaus zit te worstelen kraakt er opeens veel te vroeg een stem door de luidspreker: "this is your captain speaking, happy newyear!". Dolle boel, pwieeeet :-)
De ontvangst in Jakarta was dan wel weer erg leuk: een groepje dames in traditionele klederdracht die ons Happy Newyear toezongen en een geschenk in de handen drukten dat van goudwaarde bleek te zijn: een handparaplu van Garuda Indonesia Airlines!
Snel een visum in het paspoort, met de bus naar de binnenlandse terminal en dan een paar uurtjes half slapend doorgebracht in een hal voor de doorvlucht naar Makassar in het zuiden van Sulawesi. Eenmaal daar ben ik vrij snel out gegaan door de jetlag en de veel te lang opgestapelde vermoeidheid in mijn lijf en tevens mede geholpen door ranzige kip van de KFC anderhalve dag een beetje trppend op bed doorgebracht met de airco op het welbekende standje diepvries. Het gemis aan ramen in de kamer bleek niet echt te helpen om in het nieuwe ritme te komen maar uiteindelijk kwam ik weer enigszins tot leven en heb ik nog een wandeling gemaakt langs het befaamde en niet te missen openlucht seafoodspektakel aan de boulevard van Makassar waar zo'n 100 stalletjes verse vis op het bord gooien en tevens ook een ticket op de kop getikt voor de lange busreis naar Tana Toraja de dag erna.
De busreis duurde met zijn 11 uur 3 uur langer dan in de planning stond wegens de overbekende Aziatische redenen; een soort van pseudo-Belgisch asfalt, veel kruipend verkeer en de irritante stops ondanks het feit dat er toch vrij prominent "Express-service" op het ticket stond.
We arriveerden evenwel probleemloos in Rantepao en Canadees Mark, de enige andere blanke aan boord en ikzelf confiskeerden de laatste 2 kamers van Wisma Maria, een aangenaam low-budget familiehotelletje in het centrum van het stadje. In Rantepao is er een harde competitie gaande tussen de lokale gidsen om een toerist te strikken wegens chronisch gebrek in het laagseizoen en de vrouwelijke Manda bleek de gelukkige die ons kon gaan uitleggen wat we konden verwachten in de wijde omgeving.
Mark en ik besloten een team te vormen omdat het klikte en omdat we samen Manda's kosten konden delen en de volgende ochtend reden we met 2 motortjes en Manda bij mij op de buddy richting de heuvels want Manda wist zoals het een goeie gids betaamd dat er een begrafenisceremonie aan de gang was in het dorp met de illustere naam "Sereales".
Even duiden dat die begrafenissen en de afhandeling ook meteen de hoofdreden is waarom Tana Toraja niet gemist mag worden want ze zijn op zijn zachtst gezegd nogal speciaal: de lichamen van overledenen worden gebalsemd en net zolang in het familiehuis bijgehouden tot er genoeg cash is om in stijl uit te pakken: er worden soms honderden uitnodigingen verstuurd en vanwege het aloude Animistische karakter van deze heuvelbewoners kan een overledene niet naar het hiernamaals vertrekken zonder dat er een flinke collectie vee wordt geslacht om hem/haar te vergezellen op deze ongetwijfeld boeiende roadtrip.
In extreme gevallen kan een lichaam tot een jaar lang bijgehouden worden alvorens de ceremonie plaats vindt maar de beste heer die nu in het middelpunt van de belangstelling stond was met een overlijden in september nog behoorlijk vers en zat bij leven en welzijn niet krap bij kas: toen we aankwamen bij het knap versierde centrale plein met de schitterende typische Toraja-daken (even googlen) stonden er zo'n 50 buffels (van de in totaal 200!) klaar om geofferd te worden. Omdat buitenlandse gasten bijzonder welkom zijn op dit soort van ceremonies werden we meteen uitgenodigd op een van de vip-balkons voor een maal en 't was meteen speciaal met als hoogtepunt een portie "Pa Piong": varkens-, kip- of buffelvlees, vermengd met lokale kruiden en kokosmelk wordt in een bamboebuis gepropt langzaam boven een vuurtje gegaard. Onnodig te vertellen wat voor vlees wij voor de kiezen kregen; wel jammer dat de geur van geronnen bloed nooit helemaal uit je neusgaten verdwijnt.
Terwijl de buffels met het angstzweet op de bovenlip tussen hun reeds afgeslachte broeders stonden te trillen werden we meegetroond naar de bovenste van de 4 etages tellende eretoren waarop zich ook de mooi versierde cylinder met de overledene bevond en tot onze grote verbazing stond de statige weduwe erop om met ons op de foto te gaan, ging de koekjestrommel open, werd ons een fles Bintang in de hand gedrukt en mocht ik probleemloos foto's maken van de cylinder. Erg indrukwekkend mag je wel raden...
Eenmaal beneden was laatste moment aangebroken voor een 15-tal buffels en 1 voor 1 werden ze met een lange dolk keihard in de hals gestoken. Helaas loopt zo'n beest nog een volle minuut met volop spuitende halsslagader in de arena rond voordat het in elkaar zijgt maar iedereen die weet hoe het er in onze Westerse vleesindustrie aan toe gaat zal begrijpen dat dit soort van tradities een stuk beter te begrijpen en te verteren valt dan de onzin die dieren bij ons gedwongen meemaken alsvorens ze tsjokvol antibiotica op ons bord belanden.
Met een geronnen bloedpoel op de achtergrond en de uitbeners reeds volop aan het werk omdat de gasten volgens belangrijkheid vlees meekrijgen reden we Manda achterop naar een ander dorp waar familie van haar uitgenodigd was en hier min of meer hetzelfde idee maar dan met varkens ipv. buffels en als toemaat een kunstig uitgedoste traditionele "greeter" die luid hahaha'end de aankomende gasten introduceerde aan de rouwende familie. Na afgifte van het zeer gewaardeerde "relatiegeschenk" in de vorm van een slof lokale Nikki-sigaretten reden via de prachtige rijstvelden weer terug naar Rantepao om af te sluiten met 2 flessen Bintang en een lekker maal.
De volgende dat besloten Mark en ik om Manda's diensten te skippen omdat we de belangrijkste reden om een gids in te huren (introductie op een begrafenis) achter de rug hadden en getwee reden we richting zuiden om een aantal highlights af te werken, allereerst de rotsgraven van Lemo: je moet weten dat Toraja verschillende manieren heeft om de doden te begraven.
Allereerst heb je gaten die in de rots worden uitgehakt, hoe hoger hoe belangrijker de overledene en tevens ook minder kans op plundering van het goed gevulde graf. Boven het graf zie je dan vaak een balkonnetje met daarop poppen die min of meer gelijkenis tonen met de overledene.
Verder heb je nog hangende graven voor de minder gefortuneerden: 2 kleine gaten worden uitgehakt waar bamboepalen in passen en op die palen wordt dan de doodskist gelegd. Redelijk maf om zo een doodskist boven je hoofd te zien "zweven" in de openlucht.
Verder heb je ook nog baby's die in een uitsparing in een boom gelegd worden; er komt een bamboe matje voor om het gat te bedekken en na enige tijd is de boom dichtgegroeid en zit de baby in de bast ingekapseld. Het meest maffe zijn echter de natuurlijke talrijke grotten die kris-kras volgestouwd worden met doodskisten. 1 van die grafgrotten bleek via een smalle lange tunnel in verbinding te staan met een andere hoofdgrot vol kisten en Mark, net iets avontuurlijker dan mezelf stelde vrolijk voor om dan maar meteen via die smalle verbindings met een hete petroleumlamp in de hand naar de andere grot te kruipen.
Het werd een enigszins bevreemdende ervaring: bloedheet, druipend van het zweet op je knieen in een grot met vlak naast je hoofd doodskisten, soms een losse schedel vlak naast je hand en geen gebrek aan kruipende (dikke spinnen) en vliegend materiaal (vleemuizen) om je heen. De weg naar de andere kant bleek erg ver en niet geheel veilig door de gladheid van de rotsen en net toen ik wilde voorstellen om maar weer terug te keren stootten we op de doodskisten die er via de andere grot in gestouwd waren. Eenmaal buiten moesten we badend in het zweet nog zo'n 10 keer op de foto met lokale toeristen en een fameuze stortbui later zaten we in Rantepao alweer achter het bier na een magistrale dag. Toraja en haar gebruiken zien is geloven en het meest bijzondere is wat mij betreft dit: het is nooit echt eng; zelfs niet al kruipend naast een collectie vermolmde doodskisten.
De volgende dag had ik het plan opgevat om door te reizen naar de centraal gelegen Togeaneilanden via de noordelijke hoofdweg maar de bussen zaten overvol omdat de Indonesische kerstvakantie op haar einde liep en de eerstvolgende expressbus was pas 3 dagen later te boeken. Mark wou wel mee maar ook hij zag een eindeloze lijdensweg met enkel lokale bussen niet zitten en ook het bootschema om te eilanden te bereiken was waardeloos waardoor we besloten om een nachtbus te nemen terug naaar Makassar. Ook die bussen zaten helaas propvol voor de 4 dagen erna maar we hadden gloeiend geluk toen er bij een maatschappij opeens nog 2 plekken vrij bleken te zijn met "slechts" 2 dagen wachten.
De voorlaatste dag hebben we opgevuld met een aangename rafting met af en toe redelijk wilde passages, een helse afdaling langs rotspartijen en rijstvelden om de startplek te bereiken maar aboluut de moeite waard vanwege het adembenemende leven naast en op de rivier: leguanen met van funky hanekammen, wilde ganzen, Kingfishers en veel meer fraais. Voeg daar nog een stuk of 10 schitterende watervallen aan toe en je hebt het gevoel dat je in het paradijs bent beland en het zal wellicht niet veel gescheeld hebben...
De laatste dag in Rantepao was van het lazy soort; beetje bijkomen van de korte nachten wegens Wisma Maria's lawaairijke binnentuin en op zoek gaan naar vliegtickets. Op dat moment had ik al besloten om door te vliegen naar Manado in de noordpunt en Mark wou wel meereizen maar vond het ticket uiteindelijk te duur en dus boekte hij een vlucht naar Surabaya om de Bromo-vulkaan te gaan bezichtigen. Geen slechte keuze...
Rond 9 uur 's avonds stond de nachtbus voor de deur en redelijk comfortabel half onderuit liggend werden we om 6 uur 's ochtends gedropt aan de luchthaven van Makassar. Mark kon meteen doorvliegen en ik moest nog een uurtje of 6 wachten. Van die tijd nog gebruik gemaakt om contact te zoeken met een resorteigenaar op Bunaken, het duikeiland voor de kust van Manado omdat er op zondag geen ferry voer en ik dus anders een nacht in Manado zou moeten blijven wachten op de boot van de dag erna. Tot mijn verbazing kreeg ik 5 minuten later reeds antwoord van Yousef van KusKus-resort dat zijn jongens met een boot in Manado waren om proviand in te slaan en op mij zouden wachten om me mee te nemen naar Bunaken.
Een uur na de landing stond ik in de haven van Manado, schopte de bemanning wakker en nog een uur later zat ik al achter een (godsgruwelijke maar heerlijke) Bintang op Bunaken; wie zegt dat reizen altijd moeilijk moet zijn?! De enige andere gasten van het kleine KusKus waren een Duits echtpaar met 28-jarige dochter en het waren meteen ook de meest beminnelijke Oosterburen die ik ooit ontmoet heb; het klikte meteen: vader Bernhard beeldend kunstenaar, moeder Anna fotograaf, dochter Steffie kunsthistorica maar op zoek naar nieuwe inzichten en het contact met deze bereisde mensen was vanaf het begin spot-on waardoor ik geheel tegen mijn beginwens in alweer met andere toeristen aan het optrekken was :-)
De familie Schutz zat al 3 weken op het trage Bunaken en aan een tempo van 2 duiken per dag en dus veel op de teller konden ze nog steeds niet genoeg van krijgen van al het moois maar Bunaken is dan niet voor niets de duikparel van Sulawesi: een koraalzone rondom het eiland zinkt na pakweg honderd meter steil de duistere diepte in en de botsing tussen een koude en warme stroming zorgt voor een nooit eindigend buffet aan rijk plankton waar zoals je al kan raden de meest vreemde watervogels op af komen. Ik heb een refreshduik gedaan met divemaster Son omdat ik reeds tweeenhalf jaar niet meer gedoken had maar vanaf de tweede duik was het alweer als vanouds en het werd prijsschieten met je ogen ongeacht welke kant je opkeek.
De formule bij Kuskus is simpel: de prijs voor je hutje geeft je ook recht op 3 maaltijden en die waren helemaal uit de kunst met als hoogtepunt tonijnsate met de heerlijkste pittige satesaus die ik ooit gegeten heb. De dag erna wou ik een beetje rust en dus ben ik gaan snorkelen ipv. te duiken omdat het leven net onder de waterspiegel voor het resort zo overvloedig aanwezig is dat het niet uitmaakt of je flessen hebt of niet en je met snorkelen natuurlijk uitgebreid je tijd kan nemen om te genieten van het onderwaterleven.
Met in mijn ene hand een balletje samengeknepen brood en in mijn andere de Gopro onderwatercamera wist ik ook de nodige aandacht te trekken van zwermen hongerige vissen maar helaas zijn de beelden zijn heel erg scherp; verkeerde lens blijkbaar voor onderwateractie.
's Avonds stond er een afscheidsfeestje gepland voor de familie die de volgende dag het eiland zou verlaten en met een beetje financiele hulp uit Munchen kon de crew van KusKus het dorp intrekken om de hand op te leggen op 12 flessen Arak; palmwijn die slechts aangelengd met cola enigszins te zuipen is en genoeg alcohol bevat om een heel voetbalstadion in een roes te krijgen. Het feest was briljant; gitaren kwamen te voorschijn, bootsman Eme sloeg een kunstig lokaal gefabriceerde bas aan en het principe "one song one drink" leidde al na een uur tot hilarische taferelen :-)
De dag erna, vandaag, opgestaan met koppijn van de Arak omdat ik financieel niet wilde bijbenen met de bierprijs van 3,5 euro per fles. Samen met de Schutz' meegevaren naar de vaste wal, ik mocht met hen mee in de taxi en na een hartelijk afscheid meteen naar het ticketoffice van Lionair gerend om te kijken of ik mee kon op de vlucht naar Surabaya om dan aansluitend Lombok te bereiken maar dat werd een no-no: last-minute boeken is geen goeie optie; het ticket kostte meer dan 200 euro en dat vond ik te gortig.
Ik heb een tickets geboekt voor morgen voor net iets meer dan de helft van de prijs en een hotelletje gepakt in Manado. Meteen ook even goed aan de koffie gegaan in de Megamall, een Kopi Luwak voor een slordige 6 euro maar dan heb je ook meteen de meest speciale koffie ter wereld te pakken: in speciale farms voeren ze ruwe koffiebonen aan civetkatten, eenmaal de bonen weer uitgekakt worden ze schoongemaakt en vermalen en het is net die passage door de zuren van het spijsverteringskanaal van de civetkat die deze koffie zijn speciale smaak geeft. Eerlijkheid gebiedt me te zeggen dat het lekker was maar niet om te zeggen; holy shit, dat was het lekkerste kopje koffie dat ik ooit gedronken heb ;-)
Vandaag geniet ik nog even van pseudo-Westerse gemakken: veel wifi in de lucht, een lekkere koude koffieshake, zometeen even een hapje gaan doen bij "Raja Sate" oftewel de Satekoning en morgen dus een vlucht naar Lombok waar ik wellicht de rest van de tijd ga volmaken door middel van rondtoeren met een motor als het weer niet al te gortig is. Dat weer valt op zich trouwens best wel mee; het regent weliswaar vaak en hard maar het is altijd in afgelijnde blokken zonder dat ellendige gedrijn dat bij ons een dag lang kan aanhouden dus ik ben, zeker in combinatie met de temperatuur, absoluut een happy camper hier!
Groet aan iedereen, bedankt voor het doorspartelen van alweer een flinke lap tekst en onnodig om nogmaals te melden dat ik geniet maar omdat het nu eenmaal de waarheid is nog 1 keer: ik geniet!
Selamat malam!
Koert

Ik heb onze twee katten ook koffiebonen laten eten en uitschij...., maar inderdaad het is aromatische shit !
Beide katten slapen nu al vier dagen niet meer.
Hou je haaks, Koert en tot ziens in het echte Apenland aan de Noordzee.
Hans en Mery
groet&zoen vanaf de Gooische Matras!
geef ons dan maar "genieten van het onderwaterleven" dat vinden Iniminie en ik toch wat lekkerder klinken.
geniet maar lekker verder, veel liefs van je buurtjes
XX
eigenlijk hoor ik nu hier boven op de bureau fakturen
te maken, maar kon het niet laten om toch jouw reisverslag te lezen. En het is er weer één om gezond
jaloers van te worden. Geniet ervan en laat ons ook af en toe meegenieten dikke dikke kus .
De Rotermannekes